donderdag 10 maart 2016

Interpunctie in de middag

Schrijven over koektrommels kan bijster interessant zijn, maar waar wat me eigenlijk dwars zat, voordat ik me liet afleiden door mijn noodvoorraad snoepjes, of eigenlijk nog steeds een punt van discussie is in mijn gloeiende bovenkamer, is hoe om te gaan met interpunctie. Kan ik mij enige vrijheid permitteren of zou het de leesbaarheid ten goede komen als ik bepaalde regels hierover opvolg.
Nou, gelukkig gaat dit stukje niet over deze vraag en het mogelijke antwoord maar over hoe gedachten alle kanten gaan. Ja, oké, ik was echt aan het peinzen over interpunctiegebruik maar dacht al snel hoe sneu het eigenlijk is, voor mezelf hè, voor de goede orde, dat ik geen enkele opleiding heb afgerond en op de middelbare school ook meestal totaal niet zat op te letten. Dat er op het gebied van schrijven; grammatica, spelling, stijlgebruik, interpunctie, en echt noem maar op, een hele wereld aan mij voorbij is gegaan zonder dat ik het in de gaten had. Zo jammer, hierdoor verkeer ik permanent in de onzekerheid of mijn schrijfsels taalkundig gezien wel juist zijn. Mocht je me nu al niet meer volgen; dit was een gedachte, verder totaal irrelevant. Maar zo stapte ik vervolgens verder op het volgende wolkje: 'och, gelukkig heb ik mijn trommeltje met snoep bijgevuld'. Nee, dat ik me soms een mislukkeling voel en verkeer in beklemmende onzekerheid, dat schuiven we snel terzijde. Mijn snoeptrommeltje is tenminste goed gevuld.
Overigens ben ik me er terdege van bewust dat bijna geen mens mijn schrijfsels die ik hier achterlaat ooit leest. Waarschijnlijk zijn deze lege zinnen dan ook slechts vulling voor de pagina. Net zoals de snoepjes uit het blik slechts ter opvulling zijn van een gevoel van onbehagen in mezelf.
Maar iedere inhoud kan op elk moment immers weer verplaatst worden naar de prullenbak. Ja, laat ik daar eens wat mee experimenteren.
En even terzijde: eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat ik wel degelijk schrijf voor een publiek. Wel lekker veilig zo.