woensdag 3 september 2014

Open armen

Het mooiste wat je kunt geven aan de wereld is jezelf. Maar dan ook onvoorwaardelijk jezelf, en ieder moment, ín ieder moment. Ongeacht waar je bent of wat je doet. Deze kunst te verstaan vraagt nogal wat van jezelf. Alles insluiten, echt alles insluiten vraagt om een alertheid, om een handelen op het scherpst van de snede. Maar het is geen handelen van echt doen, het zijn meer de armen van een moeder die haar kind troost biedt. Het is als varen op open zee, op volle kracht vooruit, zien waar je naar toe gaat zonder dat je weet wat er voor je ligt. Als de storm komt, dan komt de storm maar hoe hard de wind ook waait, jij blijft steeds het middelpunt van de tocht, de oase in de woestijn, het onontgonnen land. Jij bent de wind, de wind dat ben jij, maar meer nog de beweging en niet dat wat wordt bewogen. Een briesje ín de storm. Een stipje op een levensgroot schilderij, een korrel meel in het brood. Maar ook het brood en het schilderij, dat ben jij.
En nu de spreeuwen zich weer voorbereiden op hun trek kun je voelen hoe het leven wordt geleefd. Geen spreeuw die zich onttrekt aan de tocht. Als het tijd is om op weg te gaan, dan slaan ze hun vleugels uit. Zonder dat er ook maar iets wordt besloten.
Ze vliegen mee, op de wind, in de spreeuwengolf. En ieder vliegt precies waar hij vliegen moet, als een organisch geheel. Dan ben je als spreeuw geen spreeuw meer maar een spreeuwengolf. Op doortrek en altijd onderweg, zonder ooit ergens aan te komen.
Als je zo kunt zijn; een zacht briesje, een streling van de wind, een zucht vol liefde, en open armen, armen open, altijd open...