zondag 21 maart 2010

Een stukje over zwerfvuil

De hele week loop ik met het idee een verhaaltje te schrijven over zwerfvuil. Afgelopen week was namelijk de week van 'Nederland Schoon'. Goed dat hier aandacht aan wordt besteed. Jammer dat dit niet het hele jaar onder de aandacht wordt gebracht. Mijn kinderen vinden het heel normaal om op te rapen wat ze op straat vinden. Soms loop ik met mijn handen vol met vieze blikjes, zakjes en flesjes achter mijn kinderen aan die op de weg van school naar huis een heel spoor van afval volgen. Eenmaal thuis gooi ik alles in de daarvoor bestemde bak. Laatst kwam mijn zoon heel blij met een sok aangelopen die hij in het winkelcentrum op straat had gevonden. Ik wilde hem niet remmen in zijn enthousiasme en heb de sok heel vrolijk in de afavalbak gegooid. De meeste mensen vinden mijn kinderen heel schattig als ze zwerfvuil oprapen en in de bak gooien. Sommigen vinden het maar vreemd. Ik niet. Ik vind het vreemd om het te laten liggen als het voor je voeten ligt.
Maar goed, verder schrijf ik er niets meer over. Las net namelijk een heel aardig stukje over dit onderwerp van een schrijver die dezelfde mening over dit onderwerp heeft. En dezelfde verbazing over het feit dat er zoveel zwerfvuil is. Daar sluit ik me volledig bij aan.
         >         >         

maandag 15 maart 2010

Verhuizing

De verhuizers zijn er weer.
Op zeer vakkundige wijze verplaatsen zij spullen van de ene kant van de kamer naar de andere kant, en wat eens tot de huiskamer behoorde, vindt een nieuw thuis op de bovenverdieping. En ik zit erbij en ik kijk ernaar. Een half uur lang ben ik toeschouwer van dit gedreven gezwoeg.
Maar net zo plotseling en enthousiast als het begon, zo eindigt deze verhuizing ook weer. Twee tevreden kinderen zitten nu tussen alle verplaatste spullen. Even is het stil. Een stilte voor de storm, weet ik nu. En daar gaan ze weer, op naar het volgende project.

Wat een feest als de verhuizers zijn geweest.
Moeder moe en de kinderen voldaan.
Verhuisbedrijf van der Werve heeft zijn werk weer gedaan.

Alles

Wil ik melk of wil ik puur?
Wil ik ijs of wil ik vuur?
Ik wil allebei.
Ik wil zwart en ik wil wit.
En alles wat daar tussen zit,
ik wil een regenboog.
Ik wil zon en maneschijn
en altijd gelukkig zijn.
Ik wil vuurwerk
ik wil passie
en altijd sambal bij de nasi.

Alles, ik wil alles.
Ik wil geen water bij de wijn
maar gewoon gelukkig zijn.

Wil ik hier of wil ik daar.
Wil ik mits of wil ik maar.
Ik wil allebei.
Ik wil een traan,
ik wil een lach,
een leven in één dag,
vier seizoenen tegelijk.
Ik wil zoet, ik wil zuur
en alle kleuren op één muur.
Ik wil sterren, ik wil de nacht,
en altijd iemand die op me wacht.

Alles, ik wil alles.
Ik wil geen water bij de wijn
maar gewoon gelukkig zijn.

zaterdag 13 maart 2010

Grootheidswaan?

Vroeger dacht ik dat ik de hoofdrol speelde in mijn eigen reality soap. Er was een, voor mij, onzichtbare wereld die mij nauwlettend in de gaten hield. Ik heb het over het vroeger van toen ik een jaar of acht à negen was. Een meisje met een hele grote fantasie. Als mijn moeder boos op me was, en mij in mijn ogen zeer onrechtvaardig had behandeld, kon ik heel pathetisch op de gang staan snikken. Ik gooide er vaak nog een flinke schep bovenop door er heel dramatisch bij te kijken. Iedereen uit die onzichtbare wereld kon goed zien welk een leed mij werd aangedaan. Mijn woede, frustratie en verdriet gooide ik er als een volleerd actrice uit in de volle overtuiging dat ik mijn 'publiek' wel mee kon krijgen.
UIteraard maakte ik mijn fans ook deelgenoot van gelukkige momenten in mijn leven. Dan toverde ik mijn breedste tandpasta glimlach te voorschijn en keek ik gelukzalig de denkbeeldige camera in. Zo ontzettend zelfbewust.
Maar tegenwoordig weet ik wel dat mijn leven geen soap is. Er is geen publiek en er is geen applaus aan het einde van de voorstelling. En toch wil ik nog die verbondenheid met die onzichtbare wereld voelen. Want zou het niet mooi zijn als ik niet enkel voor mezelf leefde? Als mijn leed niet alleen maar deel uitmaakt van mijn individuele plan maar ook echt zin heeft. Mijn leven wordt heus niet uitgezonden op breedbeeld, maar misschien is het wel onderdeel van een grote database. Een database vol met levens, vol met ervaringen en miljoenen en meer gedachten.
Maar ach, dat gaat echt mijn verstand te boven.

Zucht

Soms zou ik wel voor één moment in een glazen bol willen kijken. Wat zou het leven zo veel eenvoudiger zijn als je af en toe even mag gluren. Net als bij het maken van een puzzel; voor de zekerheid even achterin spieken bij de oplossingen of jouw antwoord de juiste is. Maar dan kun je bij een klein foutje nog snel je antwoord weg gummen, doen alsof er niets aan de hand is en alsnog het juiste antwoord invullen.
Het leven is één grote puzzel maar de oplossingen staan nergens gedrukt. Het gaat ook niet om het resultaat, het gaat om het plezier bij het maken van de puzzel. Alleen vergeet je dat steeds; plezier maken. Er zijn zo verschrikkelijk veel mogelijkheden, zoveel wegen om te gaan, zoveel keuzes die je moet maken in je leven.
De kunst is natuurlijk om te leven volgens het ritme van je eigen hart. Maar soms is er om mij heen te veel lawaai om mijn hart te horen spreken. Dan zoek ik een berg om op te gaan zitten. En dan doe ik even niets anders dan stilzitten. Gewoon even ademhalen. Heel diep ademhalen.

donderdag 11 maart 2010

Verbazingwekkend

Ik kan me zeer verbazen over de wereld om mij heen.
Zoals laatst toen twee dikke, wiegende heupen voor me liepen op straat. De een omklemde een handtas, de andere een wandelstok. De zon straalde dat het een lieve lust was en je kon de vogels het voorjaar horen aankondigen.
Het gesprek dat de dames voerden kon ik luid en duidelijk horen.
'Nou, het werd anders wel eens tijd dat de zon zou gaan schijnen', zei de ene.
'Ja, het is toch verschrikkelijk', zei de ander.
'Wat een rotweer hebben we toch gehad!'
'Nou inderdaad, het heeft ons niet meegezeten.'
'Het wordt hoog tijd dat de lente begint', mopperde de ene weer.
'Ja, het was echt een hele donkere winter', mopperde de andere weer verder.
Ze gingen zo op in hun gemopper dat ze niet eens door hadden hoe heerlijk zacht de zon hun wangen beroerde. De hemel was prachtig blauw, de lucht vol van leven, het leven vol van kleur. Het voorjaar in elke cel van mijn lichaam te voelen.
Vlug ben ik langs ze gelopen om deze plaatselijke mist te ontwijken. Kennelijk scheen de zon op dat moment speciaal voor mij.

Een andere keer fietste ik achter een scootmobiel. Voorop zat een dikke man met dikke bril en vette grijze haren, achterop (ik wist echt niet dat het mogelijk was) zat een mager oud wijf een sigaretje te roken. Even voor het beeld; ze deelden het zadel van dit wagentje. Ik vraag me af hoe ze dit voor elkaar hebben gekregen. Maar goed, ze reden over het fietspad in best een rap tempo. Sigarettenrook vulde mijn neusgaten en ik wilde ze net gaan inhalen om deze vervuiling van mijn frisse lucht te doen eindigen toen de vrouw voor mij, en achter de man dus, het deed. Ze deed het! En ze was er heel erg succesvol in ook. Ze deed het heel nonchalant en ze had dit vast al veel vaker gedaan: ze gooide haar sigarettenpeuk in het water. In het water! De gewoonste zaak van de wereld. Daar zakt mijn broek van af. Ik kan me er nog steeds over verbazen.

dinsdag 9 maart 2010

Pieperdepiep

Ik heb het koud.
Het voelt als een soort kou die van binnenuit komt. Ik kan me er niet op kleden lijkt wel. Mijn hart en mijn longen zijn koud, mijn handen en mijn voeten ook. Ijskoud.
Bakken warme thee heb ik al gedronken, maar de kou blijft zitten waar hij zit. En ik wil niet klagen hoor. Niet over het weer binnen en niet over het weer buiten.
Maar ik heb het koud.

Denken aan warme dingen.
Ik stel me voor dat de kou heel langzaam mijn lichaam verlaat. Kou maakt plaats voor warmte. Ik ben een lichtwezen. Licht vult de leegtes in mijn hart en mijn longen. Ik ben een tropisch eiland. Ik straal van de liefde en de warmte in en om mij heen.

'Mam, zullen we een liedje zingen?'
Mijn zoon haalt me uit mijn concentratie. Hij stopt iets in mijn handen en schenkt me zijn breedste glimlach. Ik staar naar het speelgoedje in mijn handen.
STOP staat er op een verkeersbord.
'Zullen we lang zal hij leven in de gloria zingen?', vraagt hij en huppelt vrolijk door de kamer. Hij heeft ook een verkeersbord met STOP in zijn handen. Zijn vrolijkheid werkt aanstekelijk. Ik twijfel geen moment en maak met hem een rondedansje door de kamer.
'Pieperdepiep, hoeja!', schalt zijn jongensstem door de kamer.
'Pieperdepiep, hoeja!', roep ik er lachend achteraan.

Ik heb het weer warm.
Lang zal hij leve in de gloria.

zondag 7 maart 2010

Verrassende bakrecepten

Het leven roept mij.
Ik hoor haar stem. Als ik in bed lig, onder de douche sta, naar de sterren kijk of wandel in het bos. Ze roept, maar ik hoor niet goed wát ze zegt. Het is een onrust in mij, een verlangen, een gevoel, een kriebel.

Er zijn momenten dat ik voel wat ze van me wil. Dan wordt alles ineens helder. Maar het verdwijnt vaak weer in de diepte van mijn hoofd, weg in vergetelheid. Soms krijg ik een teken. Zet ik de tv. aan op het juiste moment, speelt de radio een liedje waarin een antwoord zit op al mijn vragen, zie ik het in de blik van een voorbijganger of krijg ik zomaar een zinnetje in mijn hoofd. Maar mijn hoofd maalt, en maalt en maalt...
'Alle energie gaat naar het denken', zei mijn acupuncturist laatst weer tegen mij en stak een extra naald in mijn kruinchakra. Dat deed erg zeer.

Het leven roept mij.
Maar zij spreekt een geheimzinnige taal. Het is een mysterie.
En ik blijf maar malen.

Verrassende bakrecepten. Kan ik uren over denken. Wat er dan zo verrassend aan is. Er staat op het pakje precies hoe je het moet maken, hoe het eruit ziet, dát het lekker is en dat het bovendien altijd lukt.

Een verrassing.
Het leven.
Maar misschien is hiermee het mysterie van het leven ontrafeld; het lukt altijd. En is dat precies wat het leven roept.

maandag 1 maart 2010

Paashazendogma

'Mam, als de lente komt dan kan de Paashaas eieren kopen. Die koopt hij in de Paashazenwinkel. Ik denk tenminste dat er een Paashazenwinkel bestaat. Ja, dat moet wel anders konden wij geen lekkere eieren eten met de Pasen. Tja, als er geen Paashazenwinkel bestaat kan hij ook niet die eieren verstoppen voor ons.
Oh, ik heb zo'n ontzettende zin in de lente!'

De Paashaas ook hoor, lieve schat!