donderdag 11 februari 2010

Op een eiland

Ik zit hier op mijn eiland; mijn bed in de slaapkamer.
En ik kijk tegen een berg wasgoed aan.
Dag berg wasgoed.
Mij krijg je niet klein, ik rust uit.
Als ik beneden kom om te plassen zie ik nog een berg; de afwas op het aanrecht.
Dag berg afwas.
Ik ga gauw weer naar boven.
Het valt op dat bij iedere plasbeurt de berg alleen maar groter wordt. Maar verder schenk ik er geen aandacht meer aan, dat is niet goed voor de bom in mijn buik.

In mijn buik zit een bom. Die zeurt en zeurt en zeurt. En klaagt dat het tijd wordt. Maar nog even wachten. Na de feestdagen pas.
Tot die tijd ben ik op dieet gezet. Het valt hartstikke mee. Overal waar vet in zit, moet ik met een grote boog omheen. Geen pepernoten, geen chocola, geen kerstbrood, geen fondue, hartige hapjes, oliebollen, pannekoeken, slagroom... En dat is niet erg, want ik word er heel erg misselijk van. En naar. En uitgeput.
Gelukkig komen de kinderen me regelmatig opzoeken op mijn eiland. Als ik net wat lig te slapen komen ze me wakker maken omdat ze kadootjes hebben meegebracht. Dan ligt mijn hele bed vol met speelgoed en weet ik niet meer waar ik liggen moet. Bij me liggen drie poppenkinderen.
Shanna heeft ook een pak sinaasappelsap voor me meegenomen. Uit haar zak tovert ze liefde die ik terstond op moet eten. En nog een, en nog een. Ook Kilian tovert wat liefde uit zijn zak. Ik krijg nog een handjevol extra voor in de sinaasappelsap. 'Als je elke dag sinaasappelsap met liefde drinkt, word je gauw weer beter.'

Ik moet het me niet al te persoonlijk aantrekken. Niet IK ben ziek maar mijn lijf. Het heeft ook niets te maken met het hier en NU. Deze bom is van veel vroeger. Accepteren dan maar. Want mijn ziel viert feest. Ik lig op een eiland en ik ben gegroeid!